Democratie is een lachertje

Enkele maanden geleden schreef ik u over de campagne GeenPeil en hoe er getracht werd een referendum in het leven te roepen die u en mij de kans geeft voor of tegen het associatieverdrag tussen Oekraïne en de Europese Unie (EU) te stemmen. U zult zich deze campagne ongetwijfeld nog herinneren en, wellicht nog belangrijker, de ongefundeerde kritiek en afschuw vanuit het medialandschap gericht op GeenPeil. Inmiddels is bekend dat het referendum op 6 april gaat plaatsvinden. Afgelopen vrijdag, op de eerste dag van het nieuwe jaar, is het associatieverdrag met Oekraïne officieel doch ondemocratisch in werking getreden. Alle lidstaten dienen vooraf het verdrag te hebben geratificeerd eer het van kracht kan gaan. Dankzij de succesvolle campagne van GeenPeil moet de Nederlandse Staat eerst de uitslag van het referendum afwachten en pas daarna kan een eventuele ratificatie worden gegeven. Desondanks heeft de EU afgekondigd dat het verdrag per 1 januari jl. in werking is getreden. Hiermee toont de EU maar eens te meer aan dat democratie ver te zoeken is. Het gaat echter principieel tegen de natuur van Curiales in om deze situatie te laten voor wat het is en daarom zullen wij ons in de komende maanden hard maken voor het vervolg van de campagne van GeenPeil. Wij zullen ons uiterste best doen om de Nederlandse burgerij te overtuigen van het feit dat Oekraïne in geen enkel opzicht voldoet aan de voorwaarden van een potentieel EU-lidmaatschap en wij hen derhalve ver buiten de deur dienen te houden.

De angst voor concrete instemming
In mijn laatste artikel over dit onderwerp gaf ik aan dat, hoewel er meer dan voldoende handtekeningen binnen zijn gehaald en het doel nu verwezenlijkt kan worden, het referendum zelf slechts van raadgevende aard zal zijn. Dit betekent feitelijk dat de uitslag, zelfs als er sprake is van een absolute meerderheid tegen het verdrag, van overheidswege genegeerd kan worden. Premier Mark Rutte is niet al te optimistisch en wil eerst zien of de kiesdrempel van 30% wordt bereikt. Aan de andere kant heeft Marit Maij namens de PvdA toegezegd dat de uitslag geaccepteerd wordt indien er sprake is van een absolute meerderheid en een opkomstpercentage van 30%. De 36 zetels van de PvdA scharen zich vanaf nu dus achter het groepje partijen die reeds hun steun hebben uitgesproken, te weten SP, CDA, PVV, CU, SGP, PvdD, VNL en 50PLUS. Een Kamermeerderheid van in totaal 89 zetels geeft hiermee aan het referendum te steunen en diens uitslag te respecteren.

En toch blijft Den Haag onduidelijke signalen afgeven als het gaat om het accepteren van een potentiële meerderheid. Hoewel Maij aanvankelijk stelt de uitslag op basis van de twee eerdergenoemde voorwaarden te accepteren, geeft zij tegelijkertijd aan dat het kabinet een eigen afweging moet maken voor wat betreft de ratificatie van het associatieverdrag. Maij kon geen garanties bieden of een absolute meerderheid en het vereiste opkomstpercentage het kabinet ervan weerhoudt het verdrag te bekrachtigen. Daarnaast is het niet onbelangrijk te onthouden dat ook de beslissing van de Senaat worden afgewacht voordat er definitief kan worden geconcludeerd dat het associatieverdrag van de baan is.

Ook Minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders (PvdA) kan niet bevestigen of het kabinet in zee gaat met de uitslag van het referendum, mocht deze aanduiden dat een meerderheid van de bevolking tegen het associatieverdrag is, zo meldt het AD. Wel stelde hij eerder dat het raadgevend referendum een serieuze zaak is en dat het vraagt om een debat over de inhoud van het verdrag. Desondanks gaf Koenders in het AD aan dat er vooraf nooit kan worden aangegeven of de uitslag moet worden gerespecteerd aangezien dat zou impliceren dat alle raadgevende referenda moeten worden opgevolgd. “En als je vooraf al zegt dat je de uitslag niet overneemt, dan neem je de bevolking niet serieus”, voegde Koenders er aan toe. Gezien de virtuele stand van de PvdA in de peilingen kunt u deze laatste uitspraak met een korreltje zout nemen. Immers, als er een partij heeft aangetoond dat zij steeds verder van het volk af komt te staan, dan is het de PvdA wel.

De sabotage van een referendum
Dat de EU en democratie zelden hand in hand gaan, is duidelijk. Maar het recente optreden van de Staat in de kwestie GeenPeil heeft er alle schijn van dat er gepoogd wordt om de aanstaande volksraadpleging tegen te werken. Uitgerekend D66 droeg een uiterst waardevol amendement in waarin stond vermeld dat Nederlandse gemeenten volledig in de gelegenheid gesteld moeten worden om het referendum in goede banen te leiden. Het Kamerlid Fatma Koşer Kaya deed dit namens de D66 in samenwerking met de heer Van Raak (SP). Centraal in dit amendement was het verzoek aan Minister Plasterk (PvdA) om het budget voor het referendum uit te breiden. Plasterk had dit verzoek eerder al afgeraden en heeft aangegeven niet meer dan 25 miljoen te willen spenderen. Van dit bedrag is het de bedoeling dat 5 miljoen naar de Kiesraad gaat en de overige 20 miljoen wordt geïnvesteerd in de organisatie van het referendum. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is verantwoordelijk voor die organisatie en heeft meerdere malen de dialoog onderhouden met Plasterk. De VNG heeft Plasterk recentelijk bericht dat de organisatie van het referendum gelijkvormig is aan die van een Tweede Kamerverkiezing. Het kostenplaatje van de laatste Tweede Kamerverkiezing bedroeg in totaal 42 miljoen euro. Volgens de analyse van de VNG dient er dus eenzelfde bedrag worden vrijgemaakt voor het aanstaande referendum. Het amendement van D66 en SP was hiermee dus in lijn met de berekening van de VNG.

De VNG heeft per bovenstaande brief verzocht haar eigen analyse en de berekening van Plasterk voor te dragen aan de Rekenkamer, zodat deze een objectief oordeel kan vellen over het budget. De betreffende brief dateert van 12 november 2015. Ongeveer een week later, op 17 november, bevestigt Plasterk middels een Kamerbrief dat hij in gesprek is met de VNG. Uit zijn schrijven kan worden opgemaakt dat er inderdaad nog geen overstemming is bereikt met de vereniging en dat er dezelfde maand nog gesprekken zullen volgen over het kostenvraagstuk. Nergens wordt expliciet melding gemaakt van de Rekenkamer, niet in de brief noch in het online dossier van de VNG. Enkel een indicatie van Minister Plasterk die zijn Kamerbrief concludeert met: “Het kabinet is niet voornemens extra financiële middelen in te zetten voor de argumentatie van het kabinetsstandpunt in het referendum”. Er kan dus worden vastgesteld dat Plasterk voet bij stuk houdt en geen cent meer wil uitgeven dan in zijn ogen vereist is. En jawel, begin december komt dan toch het “verlossende” nieuws:


In hoeverre is het kabinet dan van mening dat dit referendum een serieuze zaak is, zoals door Koenders hierboven eerder werd aangehaald? Of nog beter, in hoeverre kunnen wij dit kabinet nog een serieuze zaak noemen als de financiën van de organisatie achter het referendum ondeugdelijk zijn? Het verwerpen van meer gelden voor het referendum door de VVD en de PvdA gebeurt schaamteloos voor uw eigen ogen. Zelfs het voorleggen van dezelfde bovenstaande motie aan de Eerste Kamer mocht niet baten. Elke poging om extra financiële middelen beschikbaar te stellen, is vruchteloos. Elke mogelijkheid die zorg draagt aan een goed verloop van het referendum wordt van de hand geslagen. En er is niets wat u kunt doen.

Althans, zo lijkt het. Het is wellicht om bovenstaande redenen dat GeenStijl een brief naar de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) heeft gestuurd waarin zij vraagt om waarnemers voor het aanstaande referendum. Deze waarnemers zijn in dienst van de bijbehorende afdeling ODIHR (Office for Democratic Institutions and Human Rights). Zij fungeren als surveillanten ten tijde van een referendum en zien erop toe dat het algehele proces ordentelijk verloopt. GeenStijl heeft een positief antwoord terug mogen ontvangen van de ODIHR. Er kan echter alleen een delegatie waarnemers worden gezonden indien de Nederlandse Staat hiertoe officieel een uitnodiging verstuurt. GeenStijl heeft daarom Minister Koenders benaderd met de vraag of hij deze uitnodiging aan het adres van de ODIHR wil doen toekomen. Koenders heeft eveneens toegezegd positief tegenover dit voorstel te staan. Voor 10 januari dient de Minister zijn definitieve antwoord af te geven en dan zal duidelijk worden of er inderdaad steun van buitenaf kan worden ingeroepen om zo nog enigszins bij te dragen aan het democratisch verloop van de volksraadpleging. Het is echter nog maar de vraag in hoeverre het karakter van de organisatie democratisch genoemd kan worden als er zelfs externe waarnemers aan te pas moeten komen om de taak van de Nederlandse Staat op zich te nemen.

Nu duidelijk is dat de Staat het budget voor het referendum niet gaat uitbreiden, heeft dat vanzelfsprekend gevolgen voor Nederlandse gemeenten. Velen zullen het bijvoorbeeld moeten doen met minder stemlokalen. De kans bestaat dus dat niet iedereen binnen een gemeente een stemlokaal in de buurt zal aantreffen. GeenPeil heeft inmiddels een lijst gepubliceerd waarop te zien is welke Nederlandse gemeenten wel of niet hetzelfde aantal gemeenten zal openstellen voor het referendum als dat er bij reguliere verkiezingen wordt gedaan. Deze lijst is geheel openbaar en omvat informatie over gemeenten die hun keuze voor het aantal stemlokalen motiveren. Indien uw gemeente er definitief voor heeft gekozen minder stemlokalen te gebruiken, kunt u middels dit formulier met behulp van GeenPeil contact opnemen met uw gemeente. Er wordt dan gekeken naar de bestaande mogelijkheden voor u als burger, zoals het indienen van een bezwaarschrift tegen het gemeentelijk besluit.

Het Europees belang primeert
Niet het landelijk belang maar die van de EU prijkt op de eerste plaats. Wij als eurosceptici hebben meerdere malen aangetoond dat democratie ver te zoeken is als het gaat om de EU. Wat betreft de kwestie GeenPeil wordt eens te meer duidelijk dat er nauwelijks wordt omgezien naar de stem van het volk. Als er zelfs een onafhankelijke dienst naar voren moet worden geroepen om het referendum in de gaten te houden, kan men toch moeilijk spreken over een parlementaire democratie. Van alle kanten wordt de organisatie rondom het referendum belemmerd en de reguliere media besteed evenmin de nodige aandacht aan deze belangrijke zaak. Heeft de overheid ons ook maar een keer gevraagd wat wij van het associatieakkoord vinden? U weet ongetwijfeld de reden waarom niet. Of zoals Kees Verhoeven (D66) het verwoordde: “Hoe gaat het kabinet een deceptie, zoals bij het referendum over de Europese Grondwet tien jaar geleden, voorkomen?” Plasterk, en met hem het kabinet, verheugt zich al op een overwinning. Maar wij geven ons niet gewonnen.

Reacties

Daniël Leeuwenhart

De heer Leeuwenhart schrijft met regelmaat over de betrekkingen tussen de Europese Unie (EU) en Rusland. Als euroscepticus hecht hij waarde aan nationale belangen en verkiest deze boven de supranationaliteit van de EU. Met de kracht van de pen streeft hij naar meer macht voor Den Haag, en minder voor Brussel.

2 gedachten over “Democratie is een lachertje

Reacties zijn gesloten.