Je NE suis PAS Charlie

De nasleep van de aanslag op Charlie Hebdo wordt gekenmerkt door een grenzeloze hypocrisie. Opeens is persvrijheid het belangrijkste wat er is. Politici, journalisten en burgers wereldwijd staan opeens allemaal voor de vrijheid van meningsuiting. Veel van de mensen die gisteren de straat opgingen, waren dezelfde mensen die Charlie Hebdo betichtten van racisme en islamofobie in de jaren voor de aanslag.

Één van de eersten die zich hier over uitsprak was Jeanette Bougrab, vriendin van Stéphane Charbonnier, die omkwam tijdens de aanslag. Bougrab zei:

 Dezelfde mensen die nu achter het vaandel ‘Je suis Charlie’ lopen, verweten mijn man enkele weken geleden nog islamofoob en racist te zijn.

Bougrab beweerde dat ze wist dat Charbonnier zou sterven als Theo van Gogh, wat ook de reden was waarom hij geen kinderen nam. Verder smeekte ze haar vriend om Frankrijk te verlaten. Ze wist dat er vroeg of laat een aanslag op Charlie Hebdo zou plaatsvinden. Dit werd voor het eerst duidelijk in 2011, toen er een brandbom werd gegooid op het kantoor van Charlie Hebdo. Het kantoor brandde geheel af.

We waren gewaarschuwd
De aanslag op Charlie Hebdo zou Europa wakker geschud hebben. Is dit eigenlijk wel zo? Had Europa niet al veel eerder wakker moeten zijn? Uit talrijke incidenten uit het verleden blijkt dat Europa helemaal niet wakker is. Het begon al in 1988, toen de schrijver Salman Rushdie het boek “De Duivelsverzen” uitbracht, waarin beschreven wordt hoe bepaalde elementen van de islam door de duivel geïnspireerd zijn. Hierop sprak religieus leider van Iran Ayatollah Khomeini een fatwa uit, waarin Rushdie ter dood werd veroordeeld. Hoewel de moslimgemeenschap in Europa nog niet groot was, gingen zij wel degelijk de straat op om te demonstreren tegen het boek. Veel Europeanen waren verbijsterd over de mate van agressie die hiermee gepaard ging.

Toen al had de Europese bevolking door moeten hebben dat persvrijheid en de islam onverenigbaar zijn. In de loop van de jaren zouden er nog veel meer incidenten plaatsvinden. Theo van Gogh werd vermoord omdat hij een film maakte over de onderdrukking van vrouwen binnen de islamitische gemeenschap. Een jaar later ontplofte de moslimwereld bijna door de publicatie van Mohammed-cartoons in de Deense krant Jyllands Posten. Later volgden nog de cartoons van de Zweedse tekenaar Lars Vilks, die dat later moest bekopen met een bijna gelukte moordaanslag.

In Nederland is het vooral Geert Wilders die de islam bekritiseert. Een goed voorbeeld hiervan is de islamkritische film Fitna, die in 2008 uitkwam. Al voor het uitbrengen van de film kwam er een stortvloed van kritiek los. Zo werd Wilders bekritiseerd door islamitische organisaties, Joodse organisaties en politici. Oud-premier Balkenende beweerde dat de film voor een “forse crisissituatie” had gezorgd. Ook werd Wilders in eerste instantie de toegang tot het Verenigd Koninkrijk ontzegd, toen hij de film wilde laten zien in het Engelse Hogerhuis. Verder kon Wilders zijn film op geen enkel kanaal uitzenden, zonder dat deze werd voorzien van “neutraal” commentaar. Wie een film wil maken over de islam, hoeft dus niet te rekenen op persvrijheid, vrijheid om te reizen en steun van politici. Waar was de verontwaardiging toentertijd?

Gecensureerde Pers
Het was vooral de pers die zeer geëmotioneerd reageerde op de aanslag in Parijs. Het is moeilijk te bepalen of de reacties van de media oprecht zijn. Politiek correcte media zoals de BBC, maar ook de Nederlandse Volkskrant werken overduidelijk met dubbele normen. Zij staan altijd vooraan om islamcritici te labelen als racisten en islamofoben. Nu er twaalf islamkritische cartoonisten geëxecuteerd zijn, presenteren deze zelfde media zich opeens als voorvechters van persvrijheid.

Hoewel de houding van de media al erg genoeg is, kan het nog erger. Al in de jaren voor de aanslag waren enkele kranten gecapituleerd voor de islam. Zo censureerden de Engelse en Amerikaanse kranten de Mohammed-cartoons die op de voorpagina van Charlie Hebdo prijkten. Na de aanslag veranderde dit niet. Buitenlandse media zoals CNN, The Telegraph en New York Daily News weigerden de cartoons te laten zien. Met deze actie geven de media de terroristen in feite gelijk.

Schaamteloze politici
Uiteraard stonden politici vooraan om de aanslagen af te keuren. Onze westerse waarden zouden worden bedreigd. Zo zei premier Mark Rutte dat we onze vrijheden niet zullen laten afpakken. In mei 2014 bedacht Geert Wilders een wat kinderachtige sticker. Op de sticker was de vlag van Saudi-Arabië te zien. De originele tekst was veranderd in een paar woorden die de islam bekritiseerde. Al vrij snel begon Saudi-Arabië met economische sancties te dreigen. Veel Nederlandse politici, waaronder Rutte, spraken zich uit tegen de sticker. Hoeveel verschilt de stickeractie van Wilders eigenlijk met de spotprenten van Charlie Hebdo?

Angela Merkel liep ook mee tijdens de demonstratie in Parijs. De samenhang tussen de aanslagen in Parijs en de PEGIDA-demonstraties lijken wel door het lot bepaald. PEGIDA is een organisatie die vreedzame demonstraties organiseert tegen de islamisering van Duitsland. Uit recent onderzoek blijkt dat een groot gedeelte van de Duitsers de PEGIDA-demonstraties ondersteunt. Toch kozen Merkel en vele andere prominente Duitsers ervoor zich uit te spreken tegen PEGIDA en de demonstranten werden geëtiketteerd als extreemrechts. De aanslagen in Parijs komen voor Merkel op een uiterst pijnlijk moment. Ten eerste probeert ze het democratische recht te demonstreren van PEGIDA af te nemen en de organisatie te demoniseren. Ten tweede is de angst voor islamisering nu zeker gegrond.

De aanslagen werden ook veroordeeld door het Witte Huis. Zo sprak president Barack Obama van een gruwelijke schietpartij. Over de demonstratie zei hij:

“De Fransen zijn opgestaan voor de universele waarden die door generaties van mensen zijn verdedigd.”

Een zeer verwarrende opmerking. In 2012 zei Obama nog dat “de toekomst niet mag toebehoren aan hen die de profeet van de islam belasteren.” Er is dus sprake van grootschalig ethisch dualisme evenals hypocrisie.

Ook premier David Cameron veroordeelde de aanslagen in Parijs. Zo zei hij dat Groot-Brittannië de vrijheid van meningsuiting nooit op zal geven. Zelf maakt hij hier in ieder geval gretig gebruik van. Cameron is altijd een van de eersten om islamitisch geïnspireerde aanslagen te relativeren. Ook is hij groot voorstander van de islamisering van Groot-Brittannië, zo verklaarde hij:

“Het is Groot-Brittannië die zich meer moet aanpassen aan de islamitische leefwijze, niet andersom.”  

De meest opmerkelijke aanwezigen bij de demonstratie waren president Erdogan van Turkije en vertegenwoordigers van de Saudische overheid. Erdogan staat er om bekend journalisten vast te zetten die het niet eens zijn met zijn beleid. Saudi-Arabië gaat nog veel verder. Daar is het beledigen van de islam strafbaar. Kortgeleden nog werd de Saudische blogger Raif Badawi veroordeeld tot tien jaar cel, een geldboete en duizend zweepslagen voor het beledigen van de islam. Zelfs het afhakken van hoofden en handen wordt in Saudi-Arabië als officiële straf toegepast.

De mensen die zich al jarenlang uitspreken tegen de islamitische invloed waren uiteraard niet welkom op de demonstraties. Westerse leiders zijn als de dood dat de aanslagen “extreemrechts” in de hand speelt. Daarom is het van groot belang dat de demonstraties aan de linkerkant van het politiek spectrum blijven. Zo vroeg de Franse president François Hollande uitdrukkelijk aan de Israëlische president Benjamin Netanyahu niet naar Frankrijk te  komen. Men was bang dat de steun voor de Palestijnse zaak als sneeuw voor de zon zou verdwijnen. Verder waren Marine Le Pen en haar partij Front National ook niet welkom op de demonstraties.

Er is een grote mate van selectieve verontwaardiging zichtbaar bij de betogers evenals de politici. De verantwoordelijken voor de aanslag waren al bijna tien jaar bekend bij de Franse veiligheidsdiensten, zo hadden ze bijvoorbeeld meegedaan aan de strijd in Syrië. De zaak wordt helemaal interessant wanneer men beseft dat het westen de rebellen in Syrië gesteund heeft met wapens en geld. Dit betekent dat westerse overheden medeverantwoordelijk zijn voor het bloedbad. De aanslagen in Parijs zijn nog maar het topje van de ijsberg. In de komende jaren zullen we erachter komen dat naast de vrijheid van meningsuiting er nog veel meer op het spel staat.

Reacties

Bart Bohemen

De heer Bohemen heeft een uitgebreide kennis op het gebied van sociale vraagstukken en verwerkt deze dan ook nauwkeurig in zijn publicaties. Zijn vakgebied omvat onder meer socio-economische en demografische ontwikkelingen in Europees verband.

3 gedachten over “Je NE suis PAS Charlie

  1. Vooropgesteld, ik ben een liefhebber van cartoons. Maar absolute vrijheid van meningsuiting is in strijd met de grondwet. Je mag nl. nooit iemand opzettelijk beledigen. Natuurlijk is er recht op vrijheid van meningsuiting, maar binnen de grenzen van fatsoen (normen en waarden). Dat wat als belediging kan worden opgevat, kan te ver gaan. Dat is precies wat er gebeurt als je een godsdienst belachelijk maakt. Je beledigt dan de mensen die deze godsdienst aanhangen. Vergelijk ook, als voorbeeld, wat Wilders doet met Marokkanen.

    1. Beledigen is inderdaad niet de bedoeling Cornelius. Wel is het erg opvallend dat het steeds dezelfde religie is die (wereldwijd) op enorme schaal gewelddadige acties pleegt waarbij vele doden vallen.

Geef een reactie