Het maakt niet uit op wie je stemt

Het woord ideaal lijkt te komen uit lang vervlogen tijden. Dit is goed te zien in het Nederlandse politieke landschap, alsook binnen de Koninklijke Familie. De geijkte grens tussen de linker- en rechterkant van het politieke spectrum is sterk vervaagd. Steeds vaker vraagt men zich af of er nog wezenlijke verschillen bestaan tussen politieke partijen. Maakt hun stem eigenlijk nog uit? In de volksmond wordt dit verschijnsel de “PVVD66A” genoemd. Een stem op een partij uitbrengen maakt niet uit; uiteindelijk zal elke partij de (van tevoren) vastgestelde route bewandelen. Hieronder volgen een aantal voorbeelden van weggegooide idealen en principes, ten behoeve van zelfverrijking, politieke correctheid en honger naar macht.

Hypocrisie
Het weggooien van idealen is goed te zien binnen het Koninklijk Huis. In de troonredes van 1950 en 1979 zei Koningin Juliana nog: “Nederland is vol, ten dele overvol”. Nederland had toentertijd respectievelijk tien- en veertien miljoen inwoners. Vandaag de dag telt ons land bijna achttien miljoen inwoners. Deze enorme groei, veroorzaakt door massa-immigratie, is sindsdien niet meer besproken door de opvolgers van Juliana. Verder is de Koninklijke familie van oudsher lid van de protestantse kerk. Sinds 2007 heeft het Koninklijke huis zich meerdere malen positief uitgesproken over homoseksualiteit. De protestantse achterban was verbijsterd over deze uitspraken. Ook heeft voormalig Koningin Beatrix meerdere malen het belang van tolerantie voor minderheden benadrukt, dat terwijl een groot gedeelte van de Nederlandse bevolking veel moeite heeft met de acceptatie van islamitische “waarden”. Hoewel het Koninklijke huis natuurlijk hun eigen mening mag hebben over deze onderwerpen, zou het hen sieren consistent te zijn en het goede voorbeeld te geven.

In maart van dit jaar werd president Goodluck Jonathan van Nigeria hartelijk ontvangen op het paleis Huis ten Bosch in Den Haag. Deze zelfde Goodluck Jonathan voerde in januari van dit jaar een aantal zeer controversiële wetten in m.b.t. homoseksualiteit. Zo zijn homoseksuele relaties, het homohuwelijk en lidmaatschap van homoseksuele organisaties allen verboden. De straffen voor het overtreden van deze wetten kunnen oplopen tot veertien jaar celstraf. Verder onderhoudt het Koninklijke huis al jaren goede banden met de monarchieën op het Arabisch schiereiland. In Saudi-Arabië worden homoseksuelen streng vervolgd, zweepslagen en gevangenisstraffen zijn er aan de orde van de dag. In sommige gevallen krijgen homoseksuelen zelfs de doodstraf. Ook christenen worden zwaar vervolgd; het christendom wordt er niet eens erkend als geloof. De leden van het Koninklijk Huis zijn zelf christelijk, ze zouden een krachtige boodschap kunnen sturen door op te komen voor vervolgde christenen, evenals homoseksuelen. Helaas is dit niet het geval.

Het Koningshuis houdt ervan tolerantie te benadrukken. Vreemd genoeg zijn zij goed bevriend met bedenkelijke regimes die gekenmerkt worden door vervolging van homoseksuelen en religieuze minderheden. De financiële belangen van Shell wegen nou eenmaal zwaarder, dus wordt intolerantie even door de vingers gezien.

D66, versleten principes en idealen
De D66 is een ander goed voorbeeld van een partij waarbij oude principes en idealen steeds meer naar de achtergrond verdwijnen. Vroeger werd de partij gekenmerkt door secularisme, vooral het christendom kreeg veel kritiek te verduren. Zo zetten oprichters Hans van Mierlo en Hans Gruijters zich openlijk af tegen hun katholieke achtergrond. In 2007 verzette Europarlementariër Sophie in ’t Veld zich hevig tegen de komst van de Paus naar het Europees Parlement, de EU was immers op seculiere fundamenten gebouwd. Helaas is dit slechts selectieve verontwaardiging. Wanneer er weer eens een haatimam naar Nederland komt, blijft het ijzig stil aan de kant van de partij. Partijprominent Ingrid van Engelshoven beweerde zelfs dat de islam “met rust gelaten moet worden”. Het christendom kan eindeloos geschoffeerd worden, maar een ideologie als de islam wordt met rust gelaten om moslims niet te provoceren.

Vroeger profileerde D66 zichzelf als een republikeinse partij. Dit is de afgelopen jaren sterk veranderd. “Het koningschap is een belangrijk symbool in onze samenleving”, aldus D66-leider Alexander Pechtold. Sinds Beatrix Pechtold uitnodigde voor de Bilderberg conferentie, waar alle sleutelfiguren uit de politiek en economie samenkomen, hoeven we geen kritiek meer te verwachten m.b.t. de  monarchie. Een ander traditioneel standpunt van D66 was de invoering van meer referenda. Afgelopen januari kreeg de D66 de kans dit traditionele standpunt te verwezenlijken, toen er gestemd werd om een referendum te houden over de EU. D66, de partij die beweert voor meer directe democratie te zijn, stemde tegen. Volgens de D66 website zijn referenda “het recht van de kiezer”, een EU-referendum is blijkbaar geen recht.

Salonsocialisme
De PvdA is al lang geleden vervreemd van zijn traditionele achterban. PvdA, wat staat voor Partij van de Arbeid, heeft nauwelijks nog arbeiders op de kieslijst staan. De partijtop bestaat uit elitaire intellectuelen die zich nooit onder de arbeidersklasse begeven. Bovendien is de traditionele achterban tegenwoordig vervangen door yuppen en allochtonen. Alleen in de noordelijke provincies  lijkt de traditionele PvdA achterban nog te bestaan. Dit komt omdat de bevolking aldaar geen kennis heeft van de puinhopen die de partij heeft achtergelaten in steden als Amsterdam.

Binnen de PvdA zijn er talloze voorbeelden van salonsocialisme onder (oud) politici. Denk hierbij aan oud prominent Marcel van Dam, miljonair en grootgrondbezitter. Of Bert van der Roest, die duizenden Euro’s stal van de Daklozenkrant. Het zijn uitgerekend de daklozen waar een politicus van de PvdA voor zou moeten opkomen. De grootste salonsocialist is misschien toch wel voormalig minister-president Wim Kok. Tijdens zijn presidentstermijn bekritiseerde hij regelmatig de bonuscultuur, die hij zelf “exhibitionistisch” noemde. Na het afronden van zijn ambtstermijn kon ook Kok rekenen op de beste werkgevers, mede mogelijk gemaakt door het PvdA baantjescarrousel. Kok is commissaris geweest bij o.a. Shell, ING en KLM, uiteraard voorzien van een topsalaris. Bovendien stemde hij in met bonusverhogingen. Vandaag de dag is Kok werkzaam voor de China Construction Bank, waar hij €42.000 per jaar verdiend om (slechts) negen vergaderingen per jaar bij te wonen.

Steeds maar weer worden oude idealen en principes aan de kant gezet. Burgers brengen vaak hun stem uit op basis van (traditionele) standpunten. Toch lijken alle partijen na verkiezingswinst dezelfde kant op te stevenen als hun voorgangers. Het lijkt erop dat er wel degelijk sprake is van een “PVVD66A”. Maakt het überhaupt nog uit op welke partij wij stemmen?

Reacties

Bart Bohemen

De heer Bohemen heeft een uitgebreide kennis op het gebied van sociale vraagstukken en verwerkt deze dan ook nauwkeurig in zijn publicaties. Zijn vakgebied omvat onder meer socio-economische en demografische ontwikkelingen in Europees verband.

Geef een reactie