Assad, Khadaffi, Mubarak en Hoessein. Waarom moesten ze weg?

In 2011 begon de zogenaamde Arabische Lente. De westerse media bejubelden de demonstranten die de straat opgingen en betitelden hen als vrijheidsstrijders. De regimes van Mubarak, Khadaffi en Assad moesten ten koste wat het kost de kop ingedrukt worden. Anno 2014 weten we wel beter, van een Lente is al lang geen sprake meer. Het verdwijnen van deze dictators heeft geleid tot massale chaos, moordpartijen en een toenemende invloed van radicale islamitische groepen in meerdere landen. Er zijn weinig lessen getrokken uit het verwijderen van Saddam Hoessein, het land Irak heeft geen stabiliteit meer gekend sinds de Amerikaanse invasie in 2003 en is sindsdien verwikkeld in een burgeroorlog. De heren Hoessein, Mubarak, Khadaffi en Assad waren overduidelijk dictators die ongetwijfeld mensenrechtenschennis op hun naam hadden staan. Toch garandeerden zij in zekere zin stabiliteit. Ook zijn de partijen die na hen kwamen vele malen gevaarlijker, ook voor de westerse wereld. Waarom moesten deze dictators perse uit de weg geruimd worden?

Egypte
Na Tunesië en Algerije sloeg de Arabische Lente over op Egypte, waar Hosni Mubarak al 30 jaar president was. Mubarak kwam aan de macht in 1981, nadat zijn voorganger Anwar Sadat vermoord werd door radicale moslims. Mubarak was in zekere zin seculier en reageerde met ijzeren vuist. Ook wist hij het radicale islamisme onder de duim te houden. Verder had het land onder zijn leiderschap ook vanuit economisch perspectief vooruitgang geboekt, vooral omdat hij er in slaagde de toerismesector te moderniseren. Mubarak onderhield goede relaties met o.a. de Verenigde Staten en speelde een leidende rol in de vredesonderhandelingen tussen Israel en de Palestijnen. Toen de demonstraties in Egypte begonnen, werden deze hard neergeslagen. De westerse media kozen onmiddellijk de kant van de protestanten. Er vielen veel doden in confrontaties tussen de politie en de demonstranten. Niet veel later werd Mubarak gedwongen om af te treden. De door het westen zo gewenste vrije verkiezingen konden eindelijk gehouden worden. Helaas waren de resultaten minder wenselijk, toen bleek dat de verkiezingen waren gewonnen door de radicaalislamitische Moslimbroederschap o.l.v. Mohammed Morsi. De nieuwbenoemde president begon onmiddellijk regeringsfunctionarissen te vervangen en wetten te wijzigen om de islamitische invloed op het dagelijks leven te vergroten. Lang zou zijn regeertermijn niet duren, want na ruim een jaar werd hij afgezet in een militaire coup o.l.v. Generaal Sisi.

De Arabische Lente heeft desastreuze gevolgen gehad voor Egypte. Vooral de toerismesector heeft zware klappen gekregen; door het vele geweld laten toeristen het land links liggen. De Egyptische Sinaï woestijn ten zuiden van Israel is tegenwoordig een broedplaats voor terrorisme. Dit betekent ook dat Israel zijn enige relatief veilige grensgebied verloren heeft. De westerse media heeft een grote rol gespeeld in het demoniseren van Mubarak. Tot slot hoeft het westen al helemaal niet meer te rekenen op een pro-westerse- en seculiere president als Mubarak.

Libië
In Libië was Muammar Khadaffi al aan de macht sinds 1969. Hoewel ook hij een onbetwiste dictator was, heeft hij het leven van de Libische bevolking aanzienlijk kunnen verbeteren. In vergelijking met andere Afrikaanse landen had Libië een enorm hoge levensstandaard. De verkrijgbaarheid van schoon drinkwater was vergroot en ook de gezondheidszorg was sterk verbeterd. De levensverwachting was ongeveer even groot als die van westerse landen. Ook was Khadaffi bevriend met verschillende Europese staatshoofden, zoals Tony Blair en Silvio Berlusconi. Europese landen als Italië, maar ook organisaties als de EU sloten deals met Khadaffi om illegale Afrikaanse immigranten op weg naar Europa tegen te houden. Toen de Arabische Lente oversloeg op Libië was het wederom de westerse media die de kant koos van de demonstranten. Ook Khadaffi “schoot op de eigen bevolking” en verloor plotseling zijn vrienden in westerse staten, waar hij enkele maanden eerder nog goede relaties mee had. Niet veel later besloot de NAVO Libië te bombarderen en maakten daarmee de weg vrij voor islamitische terroristen om het land over te nemen. Khadaffi zelf werd door tegenstanders gevangen genomen en gelyncht.

Een andere, minder bekende theorie is dat Khadaffi’s intenties om de Gouden Dinar in te voeren hem fataal zijn geworden. Khadaffi wilde samen met andere Afrikaanse- en islamitische landen de Gouden Dinar invoeren om met de Euro en de Dollar te kunnen concurreren. Grondstoffen zoals aardolie zouden alleen nog in Gouden Dinars betaald kunnen worden. Hoewel het moeilijk te bewijzen is dat dit de reden is voor zijn ondergang, is de samenloop van omstandigheden erg verdacht. Kort voor de NAVO interventie riep hij verschillende naties op bijeen te komen om de Gouden Dinar te realiseren. Een paar maanden later was hij dood.

Vandaag de dag wordt Libië verscheurd door een burgeroorlog. Vreemd genoeg besteedt de westerse media zeer weinig aandacht aan de situatie. Verschillende partijen strijden om de macht, waaronder terroristische groeperingen gelieerd aan Al-Qaida en de Islamitische Staat. Ook het aantal illegale immigranten uit Afrika is toegenomen, omdat deze niet langer worden tegengehouden door Khadaffi. De moord op Khadaffi heeft op geen enkele manier een positieve uitwerking gehad op Libië noch de westerse wereld. Illegale immigranten uit Afrika hoeven geen bufferzone meer te passeren om Europa te bereiken. Bovendien lijken radicaal islamitische groeperingen in Noord-Afrika sterker te zijn dan ooit.

Syrië
President Assad van Syrië had waarschijnlijk een groot voordeel dat zijn collega’s in Egypte en Libië niet hadden: tijd. Assad besefte dat het slechts een kwestie van tijd zou zijn voordat de Arabische Lente Syrië zou bereiken, waarschijnlijk is tijdwinst de reden dat hij nog steeds delen van Syrië controleert. Vrijwel exact het zelfde scenario vond plaats in Syrië. Opstanden tegen het regime van Assad braken uit, die vervolgens omsloegen in geweld en uiteindelijk in burgeroorlog. Westerse leiders, zoals de Britse premier Cameron, verklaarden openlijk dat Assad moest verdwijnen. Ook koos de westerse media wederom de kant van de opstandelingen en hadden vooral een voorliefde voor het zgn. Vrije Syrische Leger. Dit Vrije Syrische Leger, dat volgens de media uit gematigde rebellen bestond, moest steun krijgen van westerse naties. Hoewel landen als de Verenigde Staten beweren de rebellen alleen te steunen met “niet-dodelijke” middelen, is het algemeen bekend dat westerse geheime diensten de rebellen ondersteunen met wapens en training.

Na verloop van tijd werd het duidelijk dat steeds meer strijders van het Vrije Syrische Leger overliepen naar radicaal islamitische groeperingen. Vandaag de dag is het Vrije Syrische Leger vrijwel verdwenen en daarmee is de gematigde Syrische rebel een mythe geworden. De westerse staten hebben in feite indirect radicale moslimstrijders gesteund. Doordat Assad de controle verloor over grote delen van Syrië, gaf dit de mogelijkheid aan terreurorganisaties als Islamitische Staat explosief te groeien. Het gebied dat de Islamitische Staat controleert bevat ondertussen ook grote delen van Irak. Dit betekent ook dat de Amerikaanse interventie, die van 2003 tot 2011 duurde, voor niets is geweest. Duizenden Amerikaanse soldaten zijn hun leven voor niets verloren.

Ondertussen is het westen tot inkeer gekomen en is begonnen met het bombarderen van terroristische organisaties in Syrië en Irak. In feite bewijzen ze Assad hiermee een dienst. Het bewapenen van rebellen in Syrië is uitgelopen op een drama. Hoewel ook Assad ongetwijfeld een dictator was, zorgde hij wel voor stabiliteit. Religieuze minderheden werden niet vermoord en westerse journalisten werden niet onthoofd. Bovendien bewijst Assad het westen een dienst, door de betreffende terroristische groeperingen met nietsontziend geweld aan te pakken.

Het steunen van rebellengroeperingen gedurende de Arabische Lente heeft grote chaos gecreëerd in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Terroristengroeperingen als de Islamitische Staat en Al-Qaida zijn sterker dan ooit en controleren grote gebieden. Het is duidelijk dat bepaalde islamitische landen een sterke man nodig hebben om de orde te handhaven. Het verwijderen van (seculiere) dictators in de Arabische wereld heeft alleen maar geleid tot de groei van radicaal islamitische organisaties en de toename van onrust en geweld. Het steunen van rebellengroeperingen heeft ook als gevolg dat miljoenen mensen op de vlucht zijn geslagen. Veel van hen zouden het liefst naar Europa trekken, daarom is de Arabische Lente sterk verbonden met de toename van illegale immigratie richting Europa. Ook is het belangrijk te erkennen dat gematigde moslimrebellen vrijwel niet bestaan. De enige gematigde partijen die bestaan zijn het leger van Assad en de Egyptische regering onder leiding van Generaal Sisi. Ook zijn er geen lessen getrokken uit de gebeurtenissen in Irak, Egypte en Libië: de kans is zeer groot dat radicale moslims de macht overnemen nadat een seculiere dictator wordt verwijderd. Ook westerse staten moeten dit beseffen. Vreemd genoeg blijven zij keer op keer rebellengroeperingen steunen. Betekent dit dat er een geheime agenda is waar wij niks van af weten?

Reacties

Bart Bohemen

De heer Bohemen heeft een uitgebreide kennis op het gebied van sociale vraagstukken en verwerkt deze dan ook nauwkeurig in zijn publicaties. Zijn vakgebied omvat onder meer socio-economische en demografische ontwikkelingen in Europees verband.